Solheim Cup geeft John Deere (en Kraakman) nieuwe kans op Nederlandse golfmarkt |
|
|
|
|
 |
| 288 sec |
Bernardus kiest voor elektrificatie richting Solheim Cup
Wie in Nederland golfbaanmachines zegt, komt al snel uit bij Toro en zijn importeur Heybroek. Die combinatie heeft al jarenlang een uitzonderlijk sterke positie op de Nederlandse golfmarkt. Voor concurrenten John Deere en zijn importeur Kraakman valt daar dus terrein te winnen. De Solheim Cup op Golfclub Bernardus biedt daarvoor een interessant podium. Het winnen van zo'n tender (wat Kraakman deed) is een uitgelezen kans om te laten zien wat je als leverancier in huis hebt: qua machines, maar ook zeker qua support.
| Opstelling van John Deere machines voor de loods |
John Deere greep die gelegenheid aan om eind augustus een groep internationale golf- en greenkeepingjournalisten uit te nodigen op Bernardus. Vakblad Greenkeeper was daar namens Nederland bij. De aanleiding was duidelijk: laten zien welke rol John Deere en Kraakman spelen bij de voorbereiding op de Solheim Cup en welke machines daarvoor op Bernardus worden ingezet. Het internationale golftoernooi wordt van 11 tot en met 13 september op de Brabantse golfbaan gespeeld. Voor Bernardus gaat de samenwerking verder dan het evenement zelf. Golf course superintendent Niall Richardson stapte voor een groot deel van zijn machinepark over van Toro naar John Deere. Hij noemde in zijn presentatie aan de pers elektrificatie, software en data als belangrijke argumenten voor die keuze. Ook de relatie met Kraakman speelde mee. 'Deze industrie draait om relaties', zegt Richardson. 'Het was voor mij een grote stap om van het ene naar het andere merk te gaan.' Volgens hem waren uiteindelijk vooral het vertrouwen in de machines en de lokale ondersteuning bepalend.
 | | De machine 'an sich' is belangrijk, maar meer en meer ook de connectivity en de data die de machine genereert |
|
|
Van greensmaaier tot bunkerhark
Elektrificatie loopt als een rode draad door het nieuwe machinepark. Een van de belangrijkste machines is de 2775 E-Cut, een volledig elektrische zitmaaier voor greens en surrounds. Daarnaast gebruikt Bernardus elektrische 225 E-Cut handgreensmaaiers. De vloot bestaat verder uit hybride machines, waarbij de maaicilinders elektrisch worden aangedreven. Daaronder vallen machines uit de 6000- en 8000-serie. Ook de bunkerhark wordt elektrisch. Een elektrische John Deere-bunkerhark arriveerde vlak voor het internationale persbezoek en blijft op Bernardus. Eerder had de golfbaan al een John Deere GPS-sprayer aangeschaft; om precies te zijn 2030A Pro Gator diesel met HD200 GPS spuit. Dat was volgens Richardson zelfs de eerste stap richting het merk. Met gps en automatische besturing kan overlap bij het spuiten worden voorkomen. Richardson zegt daarmee ongeveer 20 procent product te besparen. De keuze voor elektrisch gaat voor hem bovendien niet alleen over uitstoot. 'Ik zie elektrificatie als een mes dat aan twee kanten snijdt, want de grondstoffen moeten ook ergens vandaan komen.' Een belangrijk praktisch voordeel vindt hij de rust op de baan. Elektrische machines veroorzaken minder geluid en passen daarmee volgens Richardson bij de ambitie van Bernardus om de impact op de natuurlijke omgeving te beperken.
 | | Niall Richardson, Golf course superintendent Bernardus |
|
|
Extra vloot voor de Solheim Cup
Het eigen machinepark is maar een deel van wat tijdens de Solheim Cup op Bernardus staat. John Deere en Kraakman stellen voor het evenement een aanvullende vloot beschikbaar. Die bestaat onder meer uit vijf 2775 E-Cut-maaiers, vijf 225 E-Cut-handmaaiers, aanvullende machines uit de 6000- en 8000-serie en twaalf Gators. In totaal staan tijdens de voorbereiding minimaal veertig John Deere-machines te shinen op Bernardus. Een deel daarvan komt rechtstreeks van andere grote golftoernooien. Machines die eerder werden ingezet bij onder meer The Open en het Women's Open op Royal Lytham in Groot-Brittannië zijn naar Nederland gebracht. Simpelweg doorsturen was geen optie. De machines moesten eerst opnieuw worden geconfigureerd voor de omstandigheden en wensen op Bernardus. Maaicilinders met elf messen werden bijvoorbeeld vervangen door andere cilinders. Dergelijke details zijn belangrijk, want Richardson wil dat de tijdelijke machines hetzelfde zijn ingesteld als zijn eigen vloot. Zijn greenkeepers en de tientallen vrijwilligers die tijdens de Solheim Cup helpen, moeten zonder veel aanpassingen met de machines kunnen werken.
|
|
Ik zie elektrificatie als een tweesnijdend mes
| |
|
Support houdt niet op bij machines
Ook technisch personeel maakt onderdeel uit van het pakket. Kraakman heeft tijdens het toernooi een monteur in de werkplaats op Bernardus. Die ondersteunt bij onderhoud, slijpen en andere werkzaamheden aan de machines. John Deere levert eveneens technische ondersteuning. Dat is geen overbodige luxe: naast de vaste ploeg van achttien greenkeepers krijgt Richardson tijdens het toernooi ondersteuning van ongeveer zeventig vrijwilligers. Afhankelijk van de dag zijn volgens hem negentig tot honderd mensen bij het baanonderhoud betrokken. Richardson benadrukt dat hij zijn keuze niet alleen op de Solheim Cup heeft gebaseerd. 'Over drie weken is het toernooi voorbij. De machines die ik heb gekocht, staan hier de komende vier jaar. Ik wil zeker weten dat ze hun werk ook daarna blijven doen.' De ondersteuning van Kraakman was volgens hem dan ook een belangrijk onderdeel van de overstap.
Dertig jaar in het vak en nog steeds leren
Opvallend is dat Richardson bij de keuze van de nieuwe machines niet alleen naar aandrijving, uitstoot of support keek. Vooral de mogelijkheid om een maaier nauwkeuriger af te stellen op de grassoort spreekt hem aan. Dat heeft ook met zijn eigen ervaringen op Bernardus te maken. Richardson vertelt zonder omwegen dat hij bij de aanleg van de golfbaan aanvankelijk zelf niet de juiste configuratie maaiers had gespecificeerd. Hij kwam van golfbanen met voornamelijk struisgrassen. Dat was mijn referentie. 'Ik deed eigenlijk een beetje copy paste: op mijn vorige baan gebruikte ik dat type maaier, dus hier zou ik dat ook doen.' Na enkele jaren vroeg hij zich af waarom hij niet het maaibeeld kreeg dat hij zocht. Een machinespecialist wees hem erop dat zijn configuratie eigenlijk beter aansloot bij struis in plaats van bij de roodzwenk grassen, die Bernardus gebruikt. En roodzwenk vraagt om een totaal andere benadering. Richardson wil zijn machines daarom specifiek voor dat gras en voor de omstandigheden van dat moment in kunnen stellen.
Verslaafd aan reel speed
Daar komt de regelbare snelheid van de maaicilinders om de hoek kijken. Richardson kan op de John Deere-maaiers het toerental van de cilinder aanpassen. Dat klinkt als een klein detail, maar volgens hem geeft het de greenkeeper een extra mogelijkheid om heel gericht en bijna strategisch te maaien. Een hoge reel speed is namelijk niet onder alle omstandigheden beter. Bij langer of breder blad kan de luchtverplaatsing van een snel draaiende cilinder het gras voor de maaieenheid wegdrukken. Door het toerental te verlagen en dat te combineren met de juiste rijsnelheid, krijgt het blad volgens Richardson meer gelegenheid om tussen cilinder en ondermes terecht te komen en daadwerkelijk te worden afgesneden. Hij gebruikt die mogelijkheid ook om ongewenste grassen gericht aan te pakken. Op de ene dag kan de instelling bijvoorbeeld gericht zijn op grover gras en zaadhoofden van straatgras, terwijl hij enkele dagen later weer terugschakelt naar een instelling voor roodzwenk. Als voorbeeld noemt Richardson voor roodzwenk een instelling van ongeveer 1.450 toeren per minuut bij een rijsnelheid van 5,2 kilometer per uur. De precieze instelling hangt volgens hem echter af van grassoort, bodem, klimaat en de stevigheid van de greens. Waar dergelijke aanpassingen eerder mechanisch per machine moesten gebeuren, kan Richardson het toerental nu via het bedieningspaneel instellen. Vanuit kantoor kan dat nog niet, benadrukt hij. Die verdere stap in de aansturing is nog in ontwikkeling.
Green speed is niet alles
Daarmee komt Richardson uiteindelijk bij een bredere discussie binnen het greenkeepersvak. Green speed krijgt volgens hem vaak veel aandacht, maar is op zichzelf geen goede maatstaf voor de kwaliteit van een green. Een hoge balsnelheid heeft weinig waarde wanneer daarvoor de grasplant wordt beschadigd. 'Je kunt een hoge green speed hebben, maar als je de plant beschadigt en daarna een of twee weken moeilijk weer krijgt, kun je veel ziekte krijgen of kunnen je greens verbranden. Je moet voortdurend de balans zoeken.' Die gedachte past ook bij de manier waarop Bernardus tijdens de Solheim Cup wordt onderhouden. Richardson verwacht niet automatisch tweemaal per dag te maaien, zoals op banen met struis bij grote toernooien gebruikelijk is. De roodzwenkgreens worden in ieder geval 's ochtends gemaaid en gerold. Later op de dag kan eventueel met een lichte handroller worden gewerkt. Meer doen omdat het een groot toernooi is, is volgens hem niet vanzelfsprekend. 'Je kunt het gras ook beschadigen door het te veel te bewerken.' Voor John Deere en Kraakman is de Solheim Cup daarmee een internationaal visitekaartje. Voor Richardson is de maatstaf uiteindelijk een stuk eenvoudiger: niet hoeveel techniek er op een machine zit, maar of hij die techniek kan gebruiken om het gras te geven wat het op dat moment nodig heeft.
Pakket machines tijdens Solheim Cup
16x 225E greenmaaier 8x 225E tee maaier 8x 2775E surround maaiers 10x8000E fairway maaier 3x 6080AE Fairwaymaaier 1x 1235 elektrische bunkerhark 12 TE Gators 14 x 22 trailers voor de handmaaiers 3x 2030A Pro gator diesel 1x 2030A Pro Gator diesel met HD200 GPS spuit 1x 2030 electrische Pro Gator 2x 4066R compact trekker 1x 3046R compact trekker 1x elektrisch Kramer KT verreiker 6 x GS Gator
|
| John Deere Walldorf GmbH ... | |
| |
| LOGIN
met je e-mailadres om te reageren.
|
|
|
| Er zijn nog geen reacties. |
|